De stellingkorenmolen in Benthuizen werd in 1772 door Willem
Overgaauw gebouwd. Deze Willem Overgaauw was tevens de eerste molenaar op deze molen en
zodoende maakte de molen op 18 juli 1772 dan ook z'n eerste omwentelingen.
Het was toendertijd niet ongebruikelijk om een molen een dierennaam te geven, waarschijnlijk
werd dit ook gedaan om een bepaald kenmerk van de betreffende molen te benadrukken. In Benthuizen
kreeg de molen de naam "De Haas" en deze naam is een kenmerk van snelheid.
Na Willem Overgaauw zijn er nog vele molenaars op molen "De Haas" geweest.
In 1886 werd lzaäk Koole molenaar op de molen. Hij was het ook die de molen in die jaren een
grondige opknapbeurt heeft gegeven. De molen werd o.a. weer rechtgezet, nadat de fa. Gräper
ontdekt had dat de funderingen verrot waren, bij deze werkzaamheden heeft de molen zelfs één
nacht op drie vijzels gestaan!
Jacob G. Koole, de zoon van lzaäk, was de laatste echte molenaar op de molen, omdat het
molenaarsbestaan niet meer rendabel was verkocht hij in 1924 de molen aan de Coöperatieve Maal-
en Dorschvereeniging "De Tijdgeest".
De coöperatie ging al snel over op het elektrisch malen van haar maalgoed (dit echter wel op
een maalstoel in de molen), dit hield in dat het pleit beslecht was voor de windkorenmolen "De Haas".
Ondanks het feit dat het toenmalige Gemeentebestuur van Benthuizen een actie voor het behoud
van de molen heeft gevoerd kon de molen niet in zijn oorspronkelijke staat behouden blijven.
Op 6 juni 1932 werden de beide roeden verwijderd en werd de stelling gesloopt. De roeden zijn
nog gebruikt in de molens van Scherpenisse en Sint Maartensdijk
(beide in Zeeland). Wat overbleef was een molenromp.
De coöperatie werd in 1938 opgeheven, waarna de bedrijfsleider, de heer A.A. Bakker, het maalbedrijf
voortzette. In 1956 werd hij opgevolgd door zijn zonen, deze hebben het maalbedrijf echter kort
daarna opgeheven. Het was voor hen niet meer rendabel om de grote veranderingen in het maal- en
mengvoederbedrijf te volgen.
Na 1956 is meermalen tot een sloopplan van de romp gekomen. In 1974 kwam deze gedachte ook weer
op toen een actie onder de Benthuizer bevolking om de molen te restaureren mistukte.
Deze actie had echter wel tot gevolg dat het Gemeentebestuur van Benthuizen de haveloze molenromp op
de monumentenlijst plaatste, van sloop kon daardoor geen sprake meer zijn.
In 1982 werd de actie van 1974, om tot restauratie van de molen te komen, opnieuw aangezwengeld,
en nu met enorm succes!
In 1983 werd de restauratie gegund aan de plaatselijke aannemer van Noort' en op 6 juni 1983,
exact 51 jaar na de onttakeling, werd door mevr. I. Günther, gedeputeerde bij de Provincie
Zuid-Holland, het startsein gegeven voor de restauratie van de molen.
Op 7 december 1985 was de restauratie zover gevorderd dat de molen voor het eerst, sinds 53 jaar,
zijn wieken weer kon laten rondgaan.
De prachtig gerestaureerde windkorenmolen "De Haas" was in eerste instantie eigendom van de
Gemeente Benthuizen. Terwijl de Stichting Molen De Haas vanaf haar oprichting op 4 juni 1984
het beheer voerde. Op 9 mei 1987 werd de molen in eigendom overgedragen aan de Stichting
Molen De Haas.
Al tijdens de restauratie van de molen was een tiental Benthuizenaren in opleiding voor vrijwillig
molenaar; dit resulteerde in de oprichting van de Vereniging Benthuizer Molenaars op 28 december
1984. De vereniging van molenaars (in opleiding) kreeg van de Stichting Molen De Haas de
draairechten op molen 'De Haas'.
Bij toerbeurt vervullen de molenaars hun molenaarsdienst op de molen,
op deze wijze is het mogelijk gebleken om de molen iedere zaterdag van 10:00 tot 16:00 open
te stellen voor het publiek.
Door de molenaars wordt op ambachtelijke wijze graan gemalen, zowel voor consumptie (tarwe),
als voor veevoeder (m.n. gerst en maïs).
Updated: 10 juni 2005
|